Keti

Een goede keti luistert altijd naar de leiding, komt altijd op tijd, is steeds in piekfijn uniform, drinkt niet, rookt niet, kijkt niet naar iemand van het andere geslacht, praat niet met een volle mond, lacht niet hardop, gaat niet naar fuiven, en gaat altijd netjes op tijd naar bed. Waarschijnlijk komen deze stellingen nogal ongeloofwaardig over. Het is dan ook haast onmogelijk om een omschrijven te geven van de keti’s. De ene ploeg is de andere niet. Gelukkig maar! Een koppig eigenwijze bende met een eigen mening! Deze eigen mening siert de keti’s en vraagt een sterk inlevingsvermogen van hun leiding. De ene keti houdt van avontuur, de andere weer niet. Die ene zondag zijn ze superactief en de week daarna kunnen ze zóóó passief zijn dat ze met geen stokken uit hun favoriete zetels te krijgen zijn. Vlotten bouwen, muurklimmen, een holbewonerdag, de Kramp, dropping, nachtspel,… het zijn maar een paar van de zovele dingen waar keti’s dol op zijn. Uiteraard houden ze van kletsen over koetjes en kalfjes, maar ook thema’s als racisme, Amnesty International, seks, drugs en nog veel meer boeit hen enorm en dat is maar goed ook want daar zijn ze tenslotte keti voor.